Achtergrondinformatie over de Mauthausen Liederen
De ballade van Mauthausen is overal in Griekenland uitgevoerd, soms in stadions voor een publiek van vele duizenden, altijd onder de persoonlijke leiding van de componist en met de steeds dramatischer stem van de nauwelijks 19-jarige Maria Farandouri. Het werk is in 1965 geschreven op gedichten van Iákovos Kambanellis, die zelf het kamp heeft overleefd. Behalve de poëzie schreef hij ook een roman, waarvan de handeling plaatsvindt in het pas bevrijde kamp, waar op dat moment de bewakers gevangen zitten. Er ontwikkelt zich een romance tussen de Griekse hoofdpersoon en een Joods-Litouws meisje. Beide durven de vrije buitenwereld nog niet goed aan en voelen een vreemd soort geborgenheid in het kamp waar ze nu vrij ronddwalen. Alle “plekken des doods” moeten door de liefde als het ware voor het leven worden teruggewonnen; dat is het thema van het laatste lied van de cyclus, dat tenslotte weer terugvalt op het begin.
En dat eerste lied, ‘Hooglied’, heeft Kambanellis gebaseerd op zijn herinnering hoe in Mauthausen op zondagmiddagen de mannelijke en vrouwelijke gevangenen urenlang naar elkaar keken, van elkaar gescheiden door een prikkeldraadversperring en een rij wachttorens. Ze stonden zo ver van elkaar af, dat ze elkaar nauwelijks zouden kunnen ontwaren.
De twee versperringen waren als ontkenning van de oerwet, de lichamen waren uitgeblust. En toch: “Het waren de uren van de Liefde in Mauthausen.”
Iákovos Kambanellis
Iákovos (Jakob) Kambanellis (1921- 2011) is een van de bekendste toneelschrijvers van het naoorlogse Griekenland, maar hij heeft ook enkele liedteksten geschreven. Grotendeels zijn deze ook weer voor toneelvoorstellingen geschreven, maar ook los daarvan werden ze bekend.
De vier Mauthausenliederen hangen samen met het boek Mauthausen(1965), dat Iákovos Kambanellis over zijn oorlogservaringen heeft geschreven. De vier liederen die tezamen de “Ballade van Mauthausen” vormen, zijn gebaseerd op situaties die beschreven worden in zijn boek ‘Mauthausen’. Het lijkt op het eerste gezicht merkwaardig dat de medogenloze en beklemmende wereld van een concentratiekamp voor liederen een inspiratiebron zou kunnen zijn.
Mikis Theodorakis
Vooral in Griekenland is de roem van componist Mikis Theodorakis (1925 – 2021) groot. Zijn indrukwekkende oeuvre herbergt bijna alle genres. Bijzonder zijn de vele populaire balladen en liederen, gemeengoed van het Griekse volk, de zangcyclussen met begeleiding van popbands en symfonieorkesten. Het zijn volkse oratoria met een uitgesproken geëngageerd karakter. De Mauthausencyclus, geschreven in 1965, is zo’n omvangrijk vocaal werk. De cyclus is herhaalde malen uitgevoerd in stadions, die tot de nok waren gevuld. Vanaf de première werd dit werk vooral gezongen door de toen 19-jarige Maria Farandouri. De door Lennaert Nijgh vertaalde versie is in ons land beroemd geworden door de vertolking van Liesbeth List.
Theodorakis’ werk kan vaak herkend worden aan klassieke of volkse muzikale ideeën en invallen die hij in zijn composities verwerkt, maar die soms niet verder worden uitgediept. Hij laat zich duidelijk inspireren door de Griekse folklore, streeft ernaar in zijn muziek de hartslag van het authentieke Griekenland te laten kloppen. In veel van zijn partituren geeft hij bovendien uiting aan zijn verlangen naar vrijheid en rechtvaardigheid en aan zijn verzet tegen elke dictatuur.
Het is het engagement van Theodorakis dat hem, na een staatsgreep van Griekse kolonels achter de tralies bracht. Als politiek activist werd hij gevangen gezet en na grote internationale druk in 1970 door de kolonels, vrijgelaten. Als balling leefde hij tot 1974 in Parijs. Bij het herstel van de democratie werd hij als held teruggehaald en met een grote hoeveelheid voorkeurstemmen in het Griekse parlement gekozen.






































